ECLI:NL:RVS:2018:3407
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- G.M.H. Hoogvliet
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing machtiging voorlopig verblijf wegens onvoldoende onderzoek bijzondere omstandigheden
De zaak betreft het hoger beroep van een vreemdeling tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om een aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf af te wijzen. De afwijzing was gebaseerd op het niet voldoen van de referent, de echtgenoot van de vreemdeling, aan het middelenvereiste, omdat hij inkomensondersteuning ontvangt op grond van de Wet Wajong 2010. De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard, stellende dat de referent niet duurzaam en zelfstandig over voldoende middelen van bestaan beschikt en dat er geen bijzondere omstandigheden waren die toepassing van de afwijkingsbevoegdheid rechtvaardigden.
De Afdeling oordeelt dat de rechtbank ten onrechte heeft vastgesteld dat niet in geschil is dat de referent niet duurzaam en zelfstandig over voldoende middelen beschikt. Uit jurisprudentie volgt dat uitkeringen op grond van de Wet Wajong 2010 geen zelfstandige middelen van bestaan zijn omdat er geen premieafdracht aan voorafgaat. De Afdeling stelt vast dat de staatssecretaris terecht uitgaat van de beoordeling van het UWV over de arbeidsongeschiktheid van de referent, maar dat in het geval van jonggehandicapten onder de werkregeling van de Wet Wajong 2010 nader onderzoek naar bijzondere omstandigheden vereist is.
De Afdeling benadrukt dat de staatssecretaris niet heeft onderzocht of het participatieplan van het UWV daadwerkelijk tot arbeidsparticipatie heeft geleid en of er bijzondere omstandigheden zijn die toepassing van artikel 4:84 Awb Pro rechtvaardigen. Gezien het tijdsverloop en de specifieke situatie van de referent had nader onderzoek moeten plaatsvinden. De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en veroordeelt de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt vernietigd wegens onvoldoende onderzoek naar bijzondere omstandigheden.