ECLI:NL:RVS:2018:3484
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- A.B.M. Hent
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtmatigheid verwerking persoonsgegevens op Agressie Registratiesysteem Overheid door UWV
Het UWV plaatste appellant op de Agressie Registratiesysteem Overheid (ARO)-lijst vanwege vermeend agressief gedrag in een beroepschrift. Appellant verzocht om verwijdering van zijn gegevens, wat door het UWV werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat de waarschuwing als besluit moest worden aangemerkt en dat de verwerking van zijn persoonsgegevens disproportioneel was.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de waarschuwing geen besluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht en dat er geen uitzonderingen van toepassing zijn die rechtsbescherming via een besluit vereisen. De verwerking van persoonsgegevens door het UWV werd als noodzakelijk en proportioneel beoordeeld voor de goede vervulling van de publiekrechtelijke taak, namelijk het waarborgen van een veilig werkklimaat voor medewerkers.
Hoewel appellant stelde dat zijn uitingen geen agressief gedrag vormden, concludeerde de Afdeling dat het UWV het gedrag terecht als agressie kon kwalificeren volgens het Agressieprotocol. De plaatsing op de ARO-lijst was daarom gerechtvaardigd. Het beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat de verwerking van persoonsgegevens van appellant door het UWV op de ARO-lijst rechtmatig en proportioneel is.