ECLI:NL:RVS:2018:42
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Bolt
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid en handhaving inzake afvalinzamelpunt op Parc Patersven
Het geschil betreft de weigering van het college van burgemeester en wethouders van Zundert om handhavend op te treden tegen het gebruik van een afvalinzamelpunt met diverse afvalcontainers op Parc Patersven, waar 450 woningen staan. De gemeenteraad stelde in 2015 een bestemmingsplan vast dat illegale bewoning legaliseert. Het college wees het verzoek tot handhaving af, waarna de rechtbank dit besluit vernietigde omdat het college ten onrechte het park als één inrichting aanmerkte.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dat het park niet als één inrichting kan worden beschouwd, omdat de woningen individueel eigendom zijn en de Vereniging van Eigenaren Parc Patersven (VEP) geen doorslaggevende zeggenschap heeft over alle percelen. Het afvalinzamelpunt zelf is wel een inrichting en valt onder de bevoegdheid van het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant.
Het college had het besluit van 4 september 2012 moeten herroepen en het verzoek om handhaving moeten doorzenden naar het bevoegde bestuursorgaan. Het beroep tegen het besluit van 2 november 2016 wordt gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en het eerdere besluit herroepen. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het betalen van griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het college wordt vernietigd en het verzoek om handhaving wordt doorgezonden naar het bevoegde bestuursorgaan.