ECLI:NL:RVS:2018:4231
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- A.B.M. Hent
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vrijheidsontneming vreemdeling in luchthavenlounge tijdens grensprocedure
Een Cubaanse vreemdeling die op 25 januari 2018 op Schiphol asiel aanvroeg, werd verplicht in de luchthavenlounge te verblijven vanwege capaciteitsproblemen bij de Koninklijke Marechaussee. Hoewel de staatssecretaris stelde dat het verblijf geen vrijheidsontneming was, oordeelde de rechtbank dat het verblijf onredelijk lang duurde en daardoor wel als vrijheidsontneming moest worden beschouwd.
De Raad van State bevestigde deze uitspraak en stelde dat het verblijf langer dan een nacht in de lounge onacceptabel is, mede omdat de lounge ongeschikt is voor menswaardige opvang en er onvoldoende voorzieningen waren. De staatssecretaris had moeten zorgen voor adequate faciliteiten en rechtsbijstand, wat niet voldoende was gebeurd.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat er geen geldige titel was voor de vrijheidsontneming en kende de vreemdeling een vergoeding toe over de periode van 26 tot en met 27 januari 2018. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige handhaving en adequate opvang bij grensbewaking.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat het verblijf langer dan een nacht in de luchthavenlounge vrijheidsontneming is zonder geldige titel en kent een vergoeding toe.