ECLI:NL:RVS:2018:556
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- B.P. Vermeulen
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid homoseksuele gerichtheid en identiteit
De staatssecretaris wees de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moest nemen. De staatssecretaris stelde hoger beroep in, evenals de vreemdeling incidenteel.
De Raad van State oordeelde dat het incidenteel hoger beroep van de vreemdeling kennelijk ongegrond is. De staatssecretaris voerde aan dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat hij zijn standpunten onvoldoende had gemotiveerd, met name over de identiteit van de vreemdeling en zijn gestelde vertrek uit Nigeria, en over zijn homoseksuele gerichtheid.
De Afdeling stelde vast dat de vreemdeling geen documenten had overgelegd om zijn identiteit en vertrek aannemelijk te maken en dat de verklaringen over zijn homoseksuele gerichtheid onvoldoende concreet en geloofwaardig waren. Ook de gestelde relaties met mannen werden niet aannemelijk geacht vanwege tegenstrijdigheden en gebrek aan detail.
De Raad van State vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De staatssecretaris had zich terecht op het standpunt gesteld dat de vreemdeling zijn identiteit en homoseksuele gerichtheid onvoldoende aannemelijk had gemaakt, waardoor het besluit tot afwijzing van de asielaanvraag standhoudt.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de asielaanvraag blijft in stand.