ECLI:NL:RVS:2019:1778
Raad van State
- Hoger beroep
- D.J.C. van den Broek
- B.J. van Ettekoven
- J.A. Hagen
- Rechtspraak.nl
Intrekking omgevingsvergunning voor verbouwing pand op bedrijventerrein wegens strijd met planologisch beleid
J.G. Vastgoed B.V. (JGV) kreeg een omgevingsvergunning voor verbouwing van een pand op bedrijventerrein Zoeterhage, waar een supermarkt gerealiseerd zou worden. De gemeente trok deze vergunning in omdat detailhandel op die locatie in strijd was met het gemeentelijke beleid en de Verordening Ruimte 2014.
JGV voerde aan dat het college onterecht de vergunning introk, mede omdat het college eerder had toegezegd de intrekking niet vóór 31 januari 2017 toe te passen. De Raad oordeelde dat het college bevoegd was tot intrekking omdat binnen de wettelijke termijn geen handelingen met gebruikmaking van de vergunning waren verricht.
De toezegging van het college werd wel erkend, maar de Raad vond dat deze niet nagekomen hoefde te worden vanwege een onvoorziene wijziging van omstandigheden: de executoriale verkoop van het pand waardoor het kettingbeding verviel. De belangenafweging van het college werd als zorgvuldig en redelijk beoordeeld.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank dat het college de vergunning in redelijkheid mocht intrekken en wees het hoger beroep van JGV af.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de intrekking van de omgevingsvergunning wegens strijd met planologisch beleid.