ECLI:NL:RVS:2019:1906
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- C.M. Wissels
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing machtiging voorlopig verblijf wegens termijnoverschrijding
De vreemdeling, minderjarig kind van een referent met verblijfsvergunning asiel, diende een aanvraag in voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor nareis in het kader van gezinshereniging. De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat deze niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn van drie maanden was ingediend. De rechtbank oordeelde dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege een advies van Vluchtelingenwerk Nederland en andere omstandigheden, en vernietigde het besluit.
De staatssecretaris ging in hoger beroep en stelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was, omdat het de eigen verantwoordelijkheid van de referent is om de aanvraag tijdig in te dienen en fouten van een gemachtigde zoals Vluchtelingenwerk Nederland daaraan niet afdoen. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde de staatssecretaris in het gelijk en vernietigde het vonnis van de rechtbank.
Daarnaast oordeelde de Afdeling dat het besluit van de staatssecretaris een gebrek vertoonde omdat niet was gewezen op de mogelijkheid om een reguliere aanvraag te doen voor gezinshereniging. De Afdeling vernietigde het besluit van 6 mei 2016, maar bepaalde dat de rechtsgevolgen daarvan in stand blijven. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €1.792,00 en het griffierecht werd vastgesteld op €503,00.
De Afdeling bevestigde dat bij een onverschoonbare termijnoverschrijding de staatssecretaris niet verplicht is om inhoudelijk op de aanvraag in te gaan of rekening te houden met individuele omstandigheden, mits de vreemdeling volledig wordt geïnformeerd over de gevolgen en de mogelijkheden voor een reguliere aanvraag. Dit oordeel volgt uit het arrest van het Hof van Justitie van de EU van 7 november 2018.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf wegens termijnoverschrijding wordt vernietigd, met in stand blijvende rechtsgevolgen en vergoeding van proceskosten.