ECLI:NL:RVS:2019:2158
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag zorgtoeslag 2015 wegens te late indiening
De Belastingdienst/Toeslagen wees de aanvraag van appellant om zorgtoeslag voor 2015 af omdat deze na de uiterste indieningsdatum was ingediend. Appellant stelde dat er sprake was van een doorlopende aanvraag, omdat de zorgtoeslag in 2014 niet adequaat was beëindigd en de dienst niet had voldaan aan haar zorgplicht. De rechtbank vernietigde het bezwaarbesluit maar handhaafde de rechtsgevolgen omdat de aanvraag terecht was afgewezen.
In hoger beroep betoogde appellant dat de brief van 9 december 2013 niet voldeed aan de mededelingsplicht en dat een inkomenswijziging in 2015 een doorlopende aanvraag zou rechtvaardigen. De Raad van State oordeelde dat de brief wel als mededeling in de zin van artikel 15, lid 6 Awir moet worden beschouwd, waarmee de doorlopende aanvraag werd beëindigd. De inkomenswijziging en het betoog over de zorgplicht faalden omdat de dienst niet verplicht is om op eigen initiatief aanvraagformulieren te sturen.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. De aanvraag zorgtoeslag 2015 is terecht afgewezen vanwege te late indiening en het ontbreken van een doorlopende aanvraag.
Uitkomst: De aanvraag zorgtoeslag 2015 is terecht afgewezen wegens te late indiening en het ontbreken van een doorlopende aanvraag.