ECLI:NL:RVS:2019:2407
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- C.M. Wissels
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing machtiging tot voorlopig verblijf wegens termijnoverschrijding
De staatssecretaris wees een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) af omdat deze niet binnen de wettelijke termijn van drie maanden was ingediend. De rechtbank oordeelde dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege een communicatiestoornis bij Vluchtelingenwerk Nederland (VWN), maar de staatssecretaris ging hiertegen in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is, omdat het de eigen verantwoordelijkheid van de vreemdeling en referent is om tijdig een aanvraag in te dienen. Fouten van VWN, als hulppersoon, kunnen niet leiden tot verschoonbaarheid. Wel oordeelt de Afdeling dat de staatssecretaris de vreemdeling onvoldoende heeft geïnformeerd over de gevolgen van de afwijzing en de mogelijkheden om alsnog een aanvraag te doen.
Daarnaast is vastgesteld dat de staatssecretaris ten onrechte heeft afgezien van het horen in bezwaar, wat in strijd is met de Awb. Dit gebrek wordt echter gepasseerd omdat de vreemdeling en referent voldoende gelegenheid hebben gehad hun standpunten te uiten tijdens de procedure bij de rechtbank.
De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en het besluit van de staatssecretaris, maar laat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand. De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris tot afwijzing van de mvv-aanvraag wordt vernietigd wegens onvoldoende informatie en schending van hoorplicht, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.