ECLI:NL:RVS:2019:2532
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
College moet handhavingsbesluit permanente bewoning recreatieterrein beter motiveren
Het college van burgemeester en wethouders van Arnhem wees het verzoek van appellant af om handhavend op te treden tegen permanente bewoning op een recreatieterrein. Appellant stelde dat het toenemende aantal illegale permanente bewoners zijn woongenot schaadt en dat het college onvoldoende bijzondere omstandigheden had gemotiveerd om niet op te treden.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het bestaande gebruik in strijd is met het bestemmingsplan en dat het college bevoegd was tot handhaving. Hoewel het college wees op de kwetsbare situatie van gezinnen en de druk op de sociale woningmarkt, ontbrak een gedegen motivering waarom handhaving geheel werd achterwege gelaten, mede omdat geen plan van aanpak of handhavingsbeleid bestond.
Appellant voerde ook aan dat de redelijke termijn van artikel 6 EVRM Pro was overschreden, maar de Afdeling oordeelde dat de procedure binnen een redelijke termijn was behandeld.
De Afdeling concludeerde dat het besluit van 18 december 2017 niet zorgvuldig was voorbereid en onvoldoende was gemotiveerd. Het college werd opgedragen binnen zestien weken het besluit te herstellen door per illegale bewoner te beoordelen of bijzondere omstandigheden bestaan om van handhaving af te zien en de uitkomst te melden aan de Afdeling en appellant.
Uitkomst: Het college wordt opgedragen het handhavingsbesluit binnen zestien weken te herstellen met een betere motivering per illegale bewoner.