ECLI:NL:RVS:2019:3205
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling extra uren rechtsbijstand en proceskostenveroordeling in strafzaak
De zaak betreft een geschil over de toekenning van extra uren rechtsbijstand in een strafzaak. De raad voor rechtsbijstand wees aanvankelijk een aanvraag af voor 33 extra uren, waarna na bezwaar 15 extra uren werden toegekend. De rechtbank vernietigde dit besluit en kende 20 extra uren toe, met een proceskostenveroordeling tegen de raad.
De raad stelde hoger beroep in tegen de proceskostenveroordeling en het aantal toegekende uren, terwijl appellant incidenteel hoger beroep instelde tegen de toekenning van 20 uren. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de raad terecht niet in proceskosten is veroordeeld, omdat advocaten in procedures over vergoeding van verleende rechtsbijstand in beginsel geen proceskosten hoeven te maken.
Verder bevestigde de Afdeling dat de rechtbank terecht 20 extra uren toekende, omdat de zaak niet zodanig complex was dat meer uren gerechtvaardigd waren. Ook werd overwogen dat de raad beoordelingsruimte heeft bij de aanvraag en dat een nieuwe aanvraag mogelijk blijft. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd voor zover de proceskostenveroordeling werd opgelegd, en voor het overige bevestigd.
Uitkomst: De proceskostenveroordeling tegen de raad voor rechtsbijstand wordt vernietigd en 20 extra uren rechtsbijstand worden bevestigd.