ECLI:NL:RVS:2019:4213
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- B.J. Schueler
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ministeriële weigering dispensatie cao-bepalingen voor Tentoo payrollonderneming
Tentoo Collective Freelance & Flex B.V., een payrollonderneming die freelancers in de audiovisuele sector op haar loonlijst zet, verzocht de minister om dispensatie van de algemeen verbindendverklaarde bepalingen uit de ABU-cao 2017-2019 en SFU-cao 2018-2019. De minister weigerde deze verzoeken bij besluiten van 13 april 2018, omdat Tentoo onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij op essentiële punten verschilde van andere ondernemingen die onder deze cao's vallen.
De rechtbank Amsterdam verklaarde de beroepen van Tentoo tegen deze besluiten ongegrond, verwijzend naar eerdere uitspraken waarin dezelfde gronden waren afgewezen. Tentoo ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, stellende dat de rechtbank het toetsingskader onjuist had toegepast en dat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom toepassing van de cao-bepalingen redelijkerwijs van haar kon worden gevergd.
De Afdeling oordeelde dat de minister bij zijn besluiten niet deugdelijk had gemotiveerd of Tentoo, gezien haar specifieke bedrijfskenmerken zoals de korte duur van arbeidsrelaties en afwijkende beloningsafspraken, op essentiële punten verschilt van andere ondernemingen binnen de werkingssfeer van de cao's. Daarom vernietigde de Afdeling de besluiten en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het hoger beroep gegrond en bepaalde dat de minister nieuwe besluiten moet nemen. Tevens werd Tentoo voorlopig toegestaan haar bedrijf voort te zetten alsof de dispensatie was verleend, en werd de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De ministeriële besluiten die het verzoek van Tentoo om dispensatie van cao-bepalingen weigeren worden vernietigd en de minister moet nieuwe besluiten nemen.