ECLI:NL:RVS:2019:4321
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- N. Verheij
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing tegemoetkoming planschade en toekenning proceskosten
Appellante heeft een verzoek ingediend voor tegemoetkoming in planschade veroorzaakt door het nieuwe bestemmingsplan "Bergen, Dorpskern Zuid" dat op 12 juni 2009 in werking trad. Het college wees dit verzoek af, waarna bezwaar en beroep werden ingesteld. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het college de door appellante overgelegde contra-expertises niet adequaat had betrokken in zijn besluitvorming, wat een motiveringsgebrek opleverde.
De Afdeling benoemde de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening (StAB) als deskundige en liet een onderzoek uitvoeren. De StAB concludeerde dat er geen sprake was van een waardevermindering van de onroerende zaak van appellante. De Afdeling volgde deze conclusie en oordeelde dat de rechtbank ten onrechte artikel 6:22 van Pro de Algemene wet bestuursrecht had toegepast om gebreken te passeren.
Het hoger beroep van appellante werd gegrond verklaard, het besluit van het college vernietigd, en het college werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten in hoger beroep en de door appellante gemaakte deskundigenkosten. Het incidenteel hoger beroep van het college werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt gegrond verklaard, het besluit van het college vernietigd en het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.