ECLI:NL:RVS:2020:1125
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke toetsing en goedkeuring projectplan versterking Markermeerdijken
Het college van hoofdingelanden van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier stelde op 19 september 2018 het projectplan 'Waterwet Versterking Markermeerdijken' vast, gericht op het versterken van een 47,8 km lang dijktraject tussen Hoorn en Amsterdam dat niet aan de veiligheidsnormen voldeed. Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland verleende op 30 oktober 2018 goedkeuring aan dit projectplan, waarna diverse uitvoeringsbesluiten en vergunningen werden verleend.
Verschillende partijen, waaronder Vereniging Oud Hoorn, Pampus I B.V., Stichting Zuyderzeedijk en individuele bewoners, stelden beroep in tegen het goedkeuringsbesluit en uitvoeringsbesluiten. De Raad van State oordeelde dat sommige appellanten niet-ontvankelijk waren vanwege onvoldoende persoonlijk belang of het niet tijdig indienen van zienswijzen. De Afdeling Bestuursrechtspraak behandelde de zaak inhoudelijk, waarbij onder meer de milieueffectrapportage (MER), de toetsing aan de Waterwet, de noodzaak van de versterking, en het ontwerp van de dijkversterking werden getoetst.
De Afdeling concludeerde dat het projectplan en het MER voldoen aan de wettelijke eisen, dat de toetsing van de dijken adequaat was uitgevoerd met inachtneming van nieuwe methodieken zoals 'Dijken op Veen' en 'Bewezen Sterkte', en dat het ontwerp van de versterking passend is. Tevens werd geoordeeld dat de ondergrenzen en signaleringswaarden in de Waterwet geen plan- of programmavoorziening zijn die een planMER-plicht opleggen. Het beroep werd grotendeels ongegrond verklaard, met uitzondering van enkele procedurele niet-ontvankelijkheden.
Uitkomst: Het beroep tegen het goedkeuringsbesluit versterking Markermeerdijken wordt grotendeels ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.