ECLI:NL:RVS:2020:1176
Raad van State
- Hoger beroep
- G.T.J.M. Jurgens
- B.P.M. van Ravels
- P.H.A. Knol
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder dwangsom wegens overtreding omgevingsvergunning in Groningen
Het college van burgemeester en wethouders van Groningen legde aan appellant een last onder dwangsom op wegens het uitvoeren van werkzaamheden in strijd met de verleende omgevingsvergunning voor een woongebouw met zes wooneenheden. Inspecties constateerden meerdere afwijkingen, waaronder gewijzigde kozijnen, een niet zelfsluitende deur en het ontbreken van brandwerende attesten.
Appellant voerde aan dat sommige wijzigingen vergunningvrij waren en dat het handhavend optreden onevenredig was vanwege de hoge kosten en gebruikelijke aard van de afwijkingen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
De Afdeling oordeelt dat de afwijkingen niet vergunningvrij zijn, dat appellant had moeten informeren over wijzigingen, en dat het college bevoegd was tot handhaving. Ook is de hoogte van de dwangsom in verhouding tot het geschonden belang. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de last onder dwangsom wordt bevestigd.