ECLI:NL:RVS:2020:1659
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder bestuursdwang wegens welstandsexces bij gevelkleur woning in Den Helder
Het college van burgemeester en wethouders van Den Helder legde appellante een last onder bestuursdwang op omdat zij de voor- en achtergevel van haar woning op een perceel in Den Helder had geverfd in een fel geelgroene kleur die volgens het college een welstandsexces oplevert en daarmee in strijd is met artikel 12 van Pro de Woningwet. Appellante stelde dat de kleur niet in ernstige mate in strijd is met redelijke eisen van welstand en verwees naar een tegenadvies waarin de kleur werd gepresenteerd als passend bij de historische omgeving.
De rechtbank oordeelde dat het college bevoegd was de last op te leggen, mede op basis van het advies van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK) die de kleur als te fel en contrasterend beoordeelde en daarmee een welstandsexces zag. Appellante voerde hoger beroep tegen deze uitspraak en stelde dat het college willekeurig handelde en het gelijkheidsbeginsel schond, mede omdat andere woningen in de wijk ook afwijkende kleuren hebben.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college zich in redelijkheid op het standpunt mocht stellen dat sprake was van een welstandsexces. De adviezen van de CRK waren zorgvuldig en begrijpelijk gemotiveerd. Het college handelde niet willekeurig omdat andere afwijkende kleuren in de wijk niet dezelfde intensiteit hadden en niet als exces werden aangemerkt. Ook was de last voldoende concreet geformuleerd, mede doordat appellante de kleurkeuze ter goedkeuring aan de CRK kon voorleggen.
De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat het college terecht een last onder bestuursdwang oplegde wegens een welstandsexces door de fel geelgroene gevelkleur.