ECLI:NL:RVS:2020:1890
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom en invordering door gemeente Amsterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft eigenaren van een pand aan de [locatie] in Amsterdam een last onder dwangsom opgelegd wegens het exploiteren van het pand als souvenirwinkel, minisupermarkt, headshop, internetwinkel en tabakszaak in strijd met het bestemmingsplan "Postcodegebied 1012". Het college heeft daarnaast een dwangsom van € 22.500,- ingevorderd.
De rechtbank heeft het beroep van de eigenaren tegen het besluit op bezwaar ongegrond verklaard, waarna zij hoger beroep hebben ingesteld en een voorlopige voorziening hebben verzocht. De voorzieningenrechter overweegt dat het college bevoegd was om handhavend op te treden omdat het gecombineerde gebruik van het pand in strijd is met het bestemmingsplan. Het beroep op overgangsrecht faalt omdat de eigenaren niet aannemelijk hebben gemaakt dat het gebruik al bestond op de peildatum.
Ook het verzoek om schorsing van het invorderingsbesluit wordt afgewezen omdat geen spoedeisend belang is gebleken. De eigenaren hebben onvoldoende financiële gegevens overlegd om een financiële noodsituatie aannemelijk te maken. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de last onder dwangsom en de invordering daarvan wordt afgewezen.