ECLI:NL:RVS:2020:224
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- C.M. Wissels
- H.J.M. Baldinger
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over vreemdelingenbewaring wegens onvoldoende motivering
Bij besluit van 23 augustus 2019 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank Den Haag heeft op 5 september 2019 het beroep van de vreemdeling gegrond verklaard, de bewaring opgeheven en schadevergoeding toegekend.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de motivering van de staatssecretaris onvoldoende was, met name omdat de aanwezigheid van familie in Frankrijk niet voldoende is toegelicht door de vreemdeling.
De Raad vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank, verklaart het beroep van de staatssecretaris gegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep alsnog ongegrond verklaard.