ECLI:NL:RVS:2021:1166
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing schulddienstverlening wegens onvoldoende medewerking
Appellant verzocht op 18 september 2019 om schulddienstverlening bij het college van burgemeester en wethouders van Zwolle. Dit verzoek werd bij besluit van 31 oktober 2019 afgewezen wegens onvoldoende medewerking en ontoelaatbaar gedrag tijdens het intakegesprek en communicatie met medewerkers. Het bezwaar en het beroep bij de rechtbank werden ongegrond verklaard.
In hoger beroep stelt appellant dat hij nog steeds geen schulddienstverlening heeft ontvangen en dat het college onvoldoende transparant was over de gronden van afwijzing, waardoor hij zijn bezwaar niet adequaat kon onderbouwen. Ook betwist hij dat het gedrag tijdens het intakegesprek en eerdere communicatie een rechtvaardiging vormen voor afwijzing.
De Afdeling oordeelt dat appellant een rechtens te beschermen belang heeft en dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarop de afwijzing is gebaseerd, mede doordat relevante interne notities niet zijn overgelegd. Het gedrag tijdens het intakegesprek is aannemelijk onprettig, maar het besluit om het verzoek onmiddellijk af te wijzen is onevenredig gelet op het belang van schuldhulpverlening.
De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en beveelt het college om opnieuw op het bezwaar te beslissen met inachtneming van de overwegingen. Tevens worden proceskosten aan appellant toegekend.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van schulddienstverlening wordt vernietigd en het college moet opnieuw beslissen.