ECLI:NL:RVS:2021:179
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H. Troostwijk
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-ontvankelijkheid asielaanvraag wegens bijzondere kwetsbaarheid vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid verklaarde de asielaanvraag van de vreemdeling niet-ontvankelijk omdat hij in Griekenland al asiel had gekregen. De vreemdeling ontving deze vergunning niet omdat deze werd verleend nadat hij Nederland binnenkwam. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
De vreemdeling heeft ernstige psychische problemen, waaronder depressies, suïcidale gedachten en auditieve hallucinaties, en heeft tweemaal een suïcidepoging gedaan. Het Bureau Medische Advisering waarschuwde voor een medische noodsituatie bij uitblijven van behandeling. Volgens de vreemdeling en de Raad van State maakt deze kwetsbaarheid hem bijzonder kwetsbaar zoals bedoeld in het arrest Ibrahim van het Hof van Justitie.
De Raad oordeelt dat de staatssecretaris onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de vreemdeling niet zal terechtkomen in een toestand van zeer verregaande materiële deprivatie bij terugkeer naar Griekenland. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd, het beroep van de vreemdeling gegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris vernietigd. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris om de asielaanvraag niet-ontvankelijk te verklaren wordt vernietigd vanwege onvoldoende motivering omtrent bijzondere kwetsbaarheid en materiële deprivatie.