ECLI:NL:RVS:2021:1790
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Veegplan 2020-1 en 2020-2B gemeente Bronckhorst wegens strijdigheden en onduidelijkheden
De raad van de gemeente Bronckhorst stelde op 4 juni 2020 en 29 oktober 2020 de bestemmingsplannen Veegplan 2020-1 en 2020-2B vast, waarin wijzigingen van het bestemmingsplan Landelijk gebied Bronckhorst werden gebundeld. Appellanten kwamen in beroep tegen diverse onderdelen van deze plannen, waaronder de bestemming 'Maatschappelijk' voor een woon-/zorgcomplex op Mosselseweg 2a in Vorden, de opname van een Wet natuurbeschermingsvergunning voor een geitenhouderij te Zelhem, en de bouw van een recreatiewoning nabij Woonboerderij De Til te Toldijk.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellanten belanghebbenden zijn en ontvankelijk in hun beroep. De maximale oppervlakte van het woon-/zorgcomplex werd abusievelijk op 2.400 m² gesteld, terwijl 1.800 m² passend was; deze onderdelen van het bestemmingsplan werden vernietigd. De opname van de Wnb-vergunning voor de geitenhouderij was strijdig met artikel 2.34 van de Omgevingsverordening Gelderland, omdat de uitbreiding van de geitenhouderij niet was toegestaan zonder een passende verbodsregeling, en de gevolgen van vervoersbewegingen waren onvoldoende onderzocht. Ook dit deel van het plan werd vernietigd. Ten slotte werd het plandeel voor de recreatiewoning aan de Beekstraat te Toldijk vernietigd vanwege onvoldoende motivering en onduidelijkheden over de ruimtelijke inpassing van de bunker met radarstand.
De Afdeling droeg de raad op de vernietigde onderdelen binnen vier weken te verwerken in de elektronische plannen en veroordeelde de raad tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan de appellanten. De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige planregels, rechtszekerheid en naleving van provinciale en nationale regelgeving bij bestemmingsplannen.
Uitkomst: De Afdeling vernietigt delen van de bestemmingsplannen en bepaalt een maximale oppervlakte van 1.800 m² voor het woon-/zorgcomplex, met veroordeling van de raad tot proceskostenvergoeding.