ECLI:NL:RVS:2021:2534
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- C.J. Borman
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing in hoger beroep tegen afwijzing verblijfsdocument gemeenschapsonderdaan
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 12 november 2018 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsdocument als gemeenschapsonderdaan af. De vreemdeling maakte bezwaar, dat op 13 mei 2019 ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit en beval een nieuw besluit.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte de staatssecretaris opdroeg nader onderzoek te doen naar het verblijfsrecht van de vreemdeling in Spanje. Volgens de Afdeling rust de bewijslast in eerste instantie op de vreemdeling om aan te tonen dat het verblijfsrecht niet meer bestaat.
De Afdeling vernietigde het vonnis van de rechtbank en wees de zaak terug voor verdere behandeling, waarbij het oordeel van de Afdeling in acht moet worden genomen. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor verdere behandeling.