ECLI:NL:RVS:2021:663
Raad van State
- Hoger beroep
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen buiten behandeling stelling omgevingsvergunning strandslaaphuisjes
Beachmij en anderen vroegen om een omgevingsvergunning voor het bouwen van 50 seizoensgebonden strandslaaphuisjes op het strand van Koudekerke. Het college van burgemeester en wethouders van Veere stelde het verzoek buiten behandeling omdat het bouwplan niet gerealiseerd kan worden zonder toestemming van de Stichting Strandexploitatie Veere (SSV), die privaatrechtelijke toestemming moet verlenen.
Het bezwaar tegen deze buiten behandeling stelling werd niet-ontvankelijk verklaard door het college en deze beslissing werd door de rechtbank bevestigd. Beachmij en anderen stelden dat de rechtbank ten onrechte het bezwaar niet-ontvankelijk had verklaard, onder meer omdat het niet vaststaat dat de SSV definitief geen medewerking wil verlenen en zij een civiele procedure waren gestart om toestemming af te dwingen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het verzoek niet als een aanvraag in de zin van de Awb kan worden beschouwd omdat het bouwplan niet kan worden verwezenlijkt zonder medewerking van de SSV. De civiele procedure die na het besluit op bezwaar was gestart, kon hieraan niets veranderen. Ook de verwijzing naar uitzonderingen op toetsing ex tunc was niet van toepassing.
Daarmee was Beachmij en anderen geen belanghebbende bij het besluit en was het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.