ECLI:NL:RVS:2024:1712
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- J.C.A. de Poorter
- N.H. van den Biggelaar
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing omgevingsvergunning McDonald’s wegens onjuiste belangenafweging
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam verleende op 24 augustus 2020 een omgevingsvergunning aan McDonald’s voor verbouwing en reclame aan panden aan de Gustav Mahlerlaan 9 en 27. Diverse bewoners en eigenaren maakten bezwaar, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de besluiten en herroept het primaire besluit.
McDonald’s stelde in hoger beroep dat zij wel degelijk belanghebbende was bij de vergunningaanvraag, omdat op het moment van besluitvorming geen sprake was van een onmogelijkheid tot verwezenlijking van het bouwplan. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de rechtbank ten onrechte McDonald’s geen belanghebbende achtte, omdat de weigering van toestemming door de vereniging van eigenaren pas na het primaire besluit plaatsvond.
De incidentele hoger beroepen van andere appellanten zijn ongegrond. De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank en wijst de zaak terug voor inhoudelijke behandeling met inachtneming van het oordeel over het belanghebbendebelang. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van McDonald’s.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling met vergoeding van proceskosten aan McDonald’s.