ECLI:NL:RVS:2022:1523
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en toekenning schadevergoeding bij bewaring vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling op 12 april 2022 in bewaring. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 28 april 2022 ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze oordeelde dat het beroep gegrond was, mede op basis van eerdere uitspraken over het zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn naar Algerije. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd.
Omdat de bewaring inmiddels was opgeheven, was een bevel tot opheffing niet nodig. Wel werd de vreemdeling een schadevergoeding van €800 toegekend voor de periode van 12 tot en met 19 april 2022. Daarnaast werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €2.277, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd, en de vreemdeling krijgt een schadevergoeding toegekend.