ECLI:NL:RVS:2022:2183
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewaring vreemdeling en afwijzing hoger beroep tegen rechtbankuitspraak
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling op 16 juni 2022 in bewaring. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 5 juli 2022 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevat die relevant zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming, en verwees naar eerdere uitspraken over de naleving van de Terugkeerrichtlijn in Detentiecentrum Rotterdam.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris werd niet veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer onder leiding van lid E. Steendijk op 28 juli 2022.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.