ECLI:NL:RVS:2022:2988
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet in behandeling nemen aanvraag verblijfsvergunning asiel door staatssecretaris
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 8 september 2022 besloten om de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 5 oktober 2022 het beroep ongegrond verklaarde.
De vreemdeling is vervolgens in hoger beroep gegaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en heeft tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. De Afdeling heeft overwogen dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevat die in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming beantwoord moeten worden, mede omdat vergelijkbare kwesties reeds eerder zijn behandeld in uitspraken van 6 juli 2022.
Daarom is het hoger beroep ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen.