Uitspraak
Datum uitspraak: 7 december 2022
AFDELINGBESTUURSRECHTSPRAAK
lid van de enkelvoudige kamer
Raad van State
Appellant verzocht het college van burgemeester en wethouders van Druten handhavend op te treden tegen een hekwerk dat de Stichting Groeisaam op het perceel van basisschool ’t Geerke had geplaatst. Het hekwerk verving eerder aangebracht prikkeldraad en diende om te voorkomen dat ballen van spelende kinderen in de tuin van appellant belandden. Het college wees het handhavingsverzoek af omdat het hekwerk vergunningvrij mocht zijn, ondanks dat een klein deel 0,25 meter hoger was dan de toegestane 2 meter.
Appellant voerde aan dat het schoolplein als openbaar toegankelijk gebied moest worden aangemerkt, waardoor het hekwerk slechts 1 meter hoog vergunningvrij mocht zijn. Ook stelde appellant dat het hekwerk vanaf zijn perceel gemeten moest worden, waaruit een hoogte van 2,60 meter volgde. De Afdeling oordeelde dat het schoolplein niet als openbaar toegankelijk gebied geldt vanwege de omheining, het bordje met toegangsbeperking en het functionele verband met de school. Verder moet de hoogte worden gemeten vanaf het aansluitend afgewerkt terrein van de basisschool, waarbij de ophoging van het schoolplein uit 1995 niet buiten beschouwing blijft.
De Afdeling bevestigde dat het hekwerk vergunningvrij mocht zijn tot 2 meter en dat de kleine overschrijding van 0,25 meter het college niet verplicht tot handhaving. De belangen van appellant, waaronder het uitzicht en de vermeende waardedaling van zijn woning, wogen niet zwaarder dan het algemeen belang bij handhaving. Het hekwerk biedt meer veiligheid dan het prikkeldraad en beperkt overlast. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het college hoeft niet handhavend op te treden tegen het hekwerk.