ECLI:NL:RVS:2022:3614
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen partiële herziening bestemmingsplan Zuidas Kop Zuidas 2018 wegens woon- en leefklimaat
De raad van de gemeente Amsterdam stelde op 31 januari 2022 de partiële herziening van het bestemmingsplan Zuidas Kop Zuidas 2018 vast, waarin onder meer een woonzorgvoorziening, broedplaats en buurtgezondheidscentrum werden voorzien. Bewonersvereniging De Miranda-Buurt en enkele bewoners uit de omgeving maakten bezwaar tegen de omvang en gevolgen van deze voorzieningen, stellende dat hun woon- en leefklimaat hierdoor wordt aangetast.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het beroep inhoudelijk behandeld en geoordeeld dat de raad voldoende beleidsruimte had om het plan vast te stellen. Het beroep op gerechtvaardigd vertrouwen faalde omdat geen concrete toezeggingen waren gedaan over maximale omvang van voorzieningen. Ook werd geoordeeld dat de raad aan zijn inspraakverplichtingen had voldaan en dat de afwegingen omtrent locatiekeuze, verkeersdruk, geluid- en schaduwhinder, en alternatieven adequaat waren gemotiveerd.
Voorts werd vastgesteld dat de bewonersvereniging en anderen onvoldoende aannemelijk maakten dat de nadelige gevolgen van het plan onevenredig zijn in verhouding tot de doelen van het plan. Het beroep van bewoners tegen de sloop van broedplaats Old School werd eveneens ongegrond verklaard, omdat dit al onherroepelijk was besloten in het moederplan. De beroepen werden ongegrond verklaard en de raad hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De beroepen tegen de partiële herziening van het bestemmingsplan Zuidas Kop Zuidas 2018 worden ongegrond verklaard.