ECLI:NL:RVS:2022:89
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- J.Th. Drop
- J.H. van Breda
- Rechtspraak.nl
Vernietiging rechtbankuitspraak inzake intrekking verblijfsvergunning wegens mensensmokkel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid trok op 14 november 2019 de verblijfsvergunning asiel van de vreemdeling in met terugwerkende kracht en legde een inreisverbod van tien jaar op vanwege een veroordeling voor mensensmokkel. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris de actuele bedreiging voor de openbare orde voldoende had gemotiveerd, mede op basis van het reclasseringsrapport en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam. De rechtbank had dit onvoldoende meegewogen.
De Raad van State vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank, maar verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De belangenafweging, waaronder het gezinsleven van de vreemdeling, werd als zorgvuldig en evenwichtig beoordeeld en niet in strijd met artikel 8 EVRM Pro geacht.
Uitkomst: De intrekking van de verblijfsvergunning en het inreisverbod worden gehandhaafd; het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard.