Uitspraak
Datum uitspraak: 3 mei 2023
AFDELINGBESTUURSRECHTSPRAAK
voorzitter
griffier
Raad van State
De raad van de gemeente Oisterwijk stelde op 1 oktober 2020 het bestemmingsplan Zandstraat 16a vast, dat voorziet in de transformatie van een agrarisch bedrijf met recreatieve nevenfunctie naar een volwaardig verblijfsrecreatiebedrijf met 20 verblijfsrecreatieve eenheden en natuurontwikkeling.
De Vereniging Het Groene Hart Brabant en anderen voerden beroep aan tegen het plan, stellende dat het plan de natuurwaarden in het plangebied en omgeving zou aantasten, in strijd zou zijn met de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (IOV), de Wet natuurbescherming (Wnb) en de ladder voor duurzame verstedelijking.
De Afdeling oordeelt dat de raad voldoende heeft gemotiveerd dat het plan past binnen de gewenste ontwikkelingsrichting en bijdraagt aan de versterking van de omgevingskwaliteit, mede door een aanzienlijke afname van bebouwingsmogelijkheden en aanleg van nieuwe natuur. De mogelijke negatieve effecten op het Natuur Netwerk Brabant en Natura 2000-gebied zijn volgens het BTL-rapport en de stikstofberekeningen uitgesloten. De raad heeft ook aannemelijk gemaakt dat het plan uitvoerbaar is binnen het soortenbeschermingsregime van de Wnb.
De stellingen van de Vereniging en anderen worden verworpen en het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan Zandstraat 16a wordt ongegrond verklaard.