ECLI:NL:RVS:2023:2666
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- A. Kuijer
- J.C.A. de Poorter
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onrechtmatige inbewaringstelling vreemdeling wegens ondeugdelijke belangenafweging
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling op 27 september 2022 in bewaring. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en kende schadevergoeding toe wegens onrechtmatigheid van de maatregel. De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank terecht heeft overwogen dat de staatssecretaris niet voldoende gemotiveerd heeft waarom een zwaardere maatregel dan een lichter middel noodzakelijk was, mede gelet op de psychische problemen van de vreemdeling, waaronder suïcidepogingen en depressieve klachten. De belangenafweging van de staatssecretaris was ondeugdelijk.
Hoewel de staatssecretaris terecht betoogde dat de vreemdeling aannemelijk moest maken dat hij detentieongeschikt was, leidde dit niet tot vernietiging van het vonnis. De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en veroordeelt de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van € 837,00.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de onrechtmatigheid van de inbewaringstelling en veroordeelt de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten.