ECLI:NL:RVS:2023:3365
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- A. Kuijer
- J.H. van Breda
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende medisch onderzoek
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 13 januari 2022 de aanvraag van de vreemdeling uit Armenië om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de staatssecretaris ten onrechte geen medisch advies had ingewonnen bij de Forensisch Medische Maatschappij Utrecht (FMMU), terwijl uit het patiëntdossier en de verklaringen van de vreemdeling tijdens het gehoor bleek dat hij psychische aandoeningen had en medicatie gebruikte. Dit vormde aanleiding om het gehoor af te breken en medisch advies te vragen, wat niet gebeurde. De rechtbank had dit niet onderkend, waardoor het besluit niet zorgvuldig was voorbereid.
Hoewel het hoger beroep gegrond werd verklaard en de uitspraak van de rechtbank werd vernietigd, liet de Afdeling de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand uit oogpunt van definitieve geschilbeslechting. De overige grieven van de vreemdeling werden niet gegrond bevonden. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd wegens onvoldoende medisch onderzoek, maar de rechtsgevolgen van het besluit blijven in stand.