ECLI:NL:RVS:2023:4578
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- C.C.W. Lange
- J.J.W.P. van Gastel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over bewaring vreemdeling wegens onrechtmatigheid
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde een vreemdeling op 2 juli 2022 in bewaring. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze maatregel gegrond, oordeelde dat de bewaring onrechtmatig was en beval opheffing met toekenning van schadevergoeding.
De staatssecretaris ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte buiten de grenzen van het geding trad door de rechtmatigheid van het terugkeerbesluit te toetsen. Verder stelde de Afdeling vast dat twee gronden voor bewaring, waaronder het niet nakomen van terugkeerverplichtingen en het zich onttrekken aan toezicht, terecht aan de maatregel ten grondslag lagen.
Ook was de motivering van de staatssecretaris waarom geen lichter middel kon worden toegepast voldoende. De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de staatssecretaris gegrond, maar het beroep van de vreemdeling alsnog ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen en de staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de bewaring blijft rechtmatig.