ECLI:NL:RVS:2024:4147
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke herroeping last onder dwangsom wegens onduidelijkheid over woongebruik pand arbeidsmigranten
Het college van burgemeester en wethouders van Heerlen legde op 14 juni 2022 een last onder dwangsom op aan [appellante A] vanwege vermeend strijdig gebruik van een pand in Heerlen, waar arbeidsmigranten verblijven. Het college stelde dat het pand gebruikt werd voor logiesverstrekking, wat in strijd zou zijn met het bestemmingsplan en de Wabo. De rechtbank oordeelde echter dat het gebruik als kamerbewoning moest worden beschouwd, wat niet in strijd is met het bestemmingsplan, en vernietigde het besluit wegens motiveringsgebrek.
Het college stelde in een nieuw besluit van 3 oktober 2023 het dwangsombesluit deels in stand voor logiesverstrekking en trok het in voor kamerverhuur. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat dit besluit onvoldoende gemotiveerd was en vernietigde het. De Afdeling concludeerde dat het college niet aannemelijk heeft gemaakt dat het verblijf van arbeidsmigranten geen woonkarakter heeft, ook niet door de rol van het uitzendbureau of de huurovereenkomst.
De Afdeling herroept het dwangsombesluit zelf en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten. Hiermee wordt bevestigd dat het gebruik van het pand als kamerbewoning geldt en dat het college onvoldoende bewijs en motivering heeft geleverd voor het handhaven van het dwangsombesluit op grond van logiesverstrekking.
Uitkomst: Het dwangsombesluit wordt herroepen omdat het college onvoldoende heeft aangetoond dat het gebruik van het pand als logiesverstrekking in strijd is met het bestemmingsplan.