ECLI:NL:RVS:2024:4161
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A. Verburg
- J. Schipper-Spanninga
- V.V. Essenburg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing naturalisatieverzoek wegens ontzegging rijbevoegdheid niet deugdelijk gemotiveerd
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees het naturalisatieverzoek van een Syrische aanvrager af op grond van artikel 9, eerste lid, aanhef en onder a, van de Rijkswet op het Nederlanderschap, vanwege ernstige vermoedens dat hij een gevaar vormt voor de openbare orde. Dit was gebaseerd op een strafbeschikking uit 2019 waarbij een rijontzegging van twee maanden en een geldboete werden opgelegd wegens een verkeersovertreding.
De rechtbank verklaarde het beroep van de aanvrager gegrond omdat het besluit niet voldeed aan het motiveringsbeginsel. De Handleiding Rijkswet op het Nederlanderschap verwijst namelijk niet duidelijk naar bijkomende straffen zoals een rijontzegging in de Wegenverkeerswet, maar alleen naar bijkomende straffen in het Wetboek van Strafrecht. De staatssecretaris had onvoldoende gemotiveerd waarom de rijontzegging een gevaar voor de openbare orde zou vormen.
In hoger beroep betoogde de staatssecretaris dat de rijontzegging wel degelijk onder het beleid valt en verwees naar een passage in de Handleiding die de rehabilitatietermijn voor deze straf regelt. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde echter dat deze verwijzing cryptisch is en niet duidelijk maakt dat een rijontzegging een beletsel voor naturalisatie vormt. Ook het model 'Verklaring verblijf en gedrag' vermeldt deze straf niet.
De Afdeling wees het beroep van de staatssecretaris af en bevestigde het oordeel van de rechtbank dat de staatssecretaris een nieuw besluit moet nemen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de aanvrager.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en het besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering omtrent de rijontzegging als beletsel voor naturalisatie.