ECLI:NL:RVS:2024:4786
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- N. Verheij
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd wegens onvoldoende rechtmatig verblijf
De vreemdeling, met de Turkse nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 17 september 2020 werd afgewezen wegens het niet voldoen aan het vereiste van vijf jaar rechtmatig verblijf. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, maar de minister stelde hoger beroep in.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het vereiste van vijf jaar rechtmatig verblijf geen nieuwe beperking vormt in de zin van artikel 13 van Pro Besluit nr. 1/80, conform een arrest van het Hof van Justitie. De Afdeling stelde vast dat de minister de vreemdeling ten onrechte niet had gehoord tijdens de bezwaarprocedure, waardoor het besluit van 8 februari 2021 vernietigd moest worden wegens een motiverings- en hoorgebrek.
Hoewel het besluit werd vernietigd, liet de Afdeling de rechtsgevolgen van het besluit in stand, omdat de vreemdeling niet voldeed aan het vereiste van vijf jaar rechtmatig verblijf. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling. Het incidenteel hoger beroep van de vreemdeling werd eveneens gegrond verklaard.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens hoor- en motiveringsgebrek, maar de afwijzing blijft inhoudelijk in stand; de minister moet proceskosten vergoeden.