ECLI:NL:RVS:2024:657
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Vaststelling dwangsom wegens niet tijdig besluit op bezwaar vreemdeling
De vreemdeling had bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf. De rechtbank had de staatssecretaris opgedragen een nieuw besluit te nemen, maar deze nam niet tijdig een besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaart het beroep gegrond en vernietigt het niet tijdig nemen van het besluit.
De staatssecretaris wordt opgedragen binnen twee weken na verzending van de uitspraak alsnog een besluit te nemen en bekend te maken. Voor elke dag dat de staatssecretaris in gebreke blijft, wordt een dwangsom van €100 opgelegd met een maximum van €15.000. Omdat de staatssecretaris al te laat was, wordt een dwangsom van €1.442 vastgesteld.
Daarnaast wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, vastgesteld op €437,50. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak op 16 februari 2024.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt het niet tijdig nemen van het besluit en legt een dwangsom op aan de staatssecretaris.