ECLI:NL:RVS:2025:4838
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen niet tijdig besluit asielaanvraag en verwijzing beroep naar rechtbank
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat de minister inmiddels op 20 juni 2025 een besluit had genomen, waarmee het doel van de procedure was bereikt.
Appellant stelde hoger beroep in tegen deze niet-ontvankelijkverklaring. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overweegt dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is omdat appellant geen belang meer heeft bij de beoordeling, nu het besluit is genomen. Daarnaast heeft de minister de aanvraag niet-ontvankelijk verklaard, waarbij de beslistermijn van vijftien maanden is overschreden.
De Afdeling veroordeelt de minister tot vergoeding van de proceskosten van appellant vanwege de overschrijding van de beslistermijn. Verder verwijst de Afdeling het beroep tegen het besluit van 20 juni 2025 naar de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Arnhem, omdat deze rechtbank gespecialiseerd is in de toetsing van asielbesluiten en hoger beroep openstaat tegen haar oordeel.
De Afdeling wijst ook op lopende prejudiciële procedures bij het Hof van Justitie over de verlenging van beslistermijnen, maar deze hebben geen invloed op de huidige beslissing.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het besluit van 20 juni 2025 is verwezen naar de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Arnhem.