ECLI:NL:RVS:2025:6149
Raad van State
- Hoger beroep
- J.M. Willems
- B.P. Vermeulen
- H. Benek
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete wegens onjuiste en niet-gemelde asbestwerkzaamheden bij renovatie school
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde aan een bedrijf een bestuurlijke boete van €57.000 op wegens het onjuist en zonder melding uitvoeren van asbestwerkzaamheden bij een schoolrenovatie op 2 november 2020. Hierbij werden twee werknemers blootgesteld aan asbestvezels en vielen asbesthoudende brokstukken in een lokaal.
De rechtbank Oost-Brabant matigde de boete tot €35.197,50 vanwege de cumulatie van boetes voor verschillende overtredingen die voortvloeiden uit één feitelijke handeling. De minister stelde hoger beroep in tegen deze matiging, stellende dat cumulatie niet per definitie onevenredig is en dat zijn beleidsmatige selectie van overtredingen al een matiging inhoudt.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat cumulatie van boetes niet automatisch onevenredig is, maar dat de minister onvoldoende inzichtelijk heeft gemaakt hoe zijn beleid leidt tot een proportionele boete. De Afdeling bevestigde daarom de matiging door de rechtbank en verklaarde het hoger beroep van de minister ongegrond. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wordt gematigd tot €35.197,50 en het hoger beroep van de minister wordt ongegrond verklaard.