ECLI:NL:CBB:2008:BG8049
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke geschillen over terugvordering en restitutie besluiten na Europese arresten
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen besluiten van het Productschap Vee en Vlees inzake terugvordering van restituties, waarbij zij stelden dat verweerder op grond van Europese jurisprudentie verplicht was terug te komen op eerdere besluiten. Het geschil betreft onder meer de uitleg van arresten van het Hof van Justitie zoals Handlbauer, Eribrand, Vonk en Kühne & Heitz.
Het College oordeelt dat de eerdere uitspraak van 24 januari 2003 niet berust op een onjuiste uitlegging van het gemeenschapsrecht en dat verweerder terecht niet is teruggekomen op de besluiten van 25 april 2000. De beroepen van de meeste appellanten worden ongegrond verklaard, terwijl het beroep van appellante sub 6 gegrond wordt verklaard wegens niet-ontvankelijkheid van haar bezwaar tegen een besluit van 10 december 2004.
Daarnaast worden proceskosten toegewezen aan appellante sub 6 en aan appellanten sub 1 tot en met 9, en wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht aan appellante sub 6. Het beroep van appellante sub 10 wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege het faillissement en ontbinding van deze rechtspersoon.
Uitkomst: De beroepen worden grotendeels ongegrond verklaard, met uitzondering van het beroep van appellante sub 6 dat gegrond wordt verklaard wegens niet-ontvankelijkheid van bezwaar.