ECLI:NL:CBB:2009:BI3578
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- W.E. Doolaard
- F. Stuurop
- B. Hessel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling randvoorwaardenkorting op GLB-inkomenssteun wegens niet-emissiearm gebruik meststoffen
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van de Minister van Landbouw waarbij een randvoorwaardenkorting van 1% werd toegepast op zijn bedrijfstoeslag 2006, omdat op een perceel van zijn landbouwbedrijf meststoffen niet emissiearm waren uitgereden. De controle door de AID bevestigde de overtreding. Appellant stelde dat hij niet zelf opdracht had gegeven voor het niet-conforme gebruik van mest en dat een loonwerker, ingeschakeld door een collega-landbouwer, verantwoordelijk was.
Het College oordeelde dat op grond van Verordening (EG) nr. 796/2004 artikel 65 de Pro landbouwer als eigenaar en beheerder van het bedrijf verantwoordelijk is voor het handelen van derden op zijn bedrijf. Appellant had zijn percelen ter beschikking gesteld en vertrouwde op correcte naleving, maar had het risico aanvaard zonder voldoende controle. Daarom kon het handelen van de loonwerker aan appellant worden toegerekend.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de randvoorwaardenkorting van 1% werd gehandhaafd. Het College zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de randvoorwaardenkorting van 1% op de bedrijfstoeslag 2006 wordt gehandhaafd.