ECLI:NL:CBB:2013:124
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Kosten bestuursdwang meevoeren runderen rechtmatig en redelijk
Op 11 oktober 2011 heeft de verweerder spoedbestuursdwang toegepast door 33 runderen van appellant in bewaring te nemen vanwege geconstateerde problemen met de gezondheids- en welzijnstoestand van de dieren. Later zijn op 7 december 2011 nog eens 46 runderen meegevoerd omdat appellant niet aan de opgelegde maatregelen voldeed. Verweerder bracht de kosten van deze bestuursdwang bij appellant in rekening, waarna appellant bezwaar maakte tegen de hoogte van deze kosten.
Het College oordeelt dat het meevoeren van de runderen rechtmatig was, omdat appellant geen bezwaar had gemaakt tegen eerdere besluiten en de bevindingen van toezichthouders en dierenartsen voldoende onderbouwd waren. De kosten die verband houden met het meevoeren van de 93 runderen op 17 februari 2012 zijn niet langer bij appellant in rekening gebracht.
Verder heeft verweerder de kosten in redelijkheid bij appellant kunnen verhalen, ook de kosten voor diergeneeskundige behandelingen zoals inenting tegen BVD. De verkoopopbrengst van de runderen was redelijk in verhouding tot de taxatiewaarde. De financiële situatie van appellant rechtvaardigt geen vermindering van de kostenverhaal. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de kosten van bestuursdwang worden in redelijkheid bij appellant in rekening gebracht.