Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de meervoudige kamer van 3 maart 2026 op het hoger beroep van:
de staatssecretaris Jeugd, Preventie en Sport
[naam 1] , te [woonplaats 1]
(ondernemingen)
Procesverloop in hoger beroep
11 december 2025 in zaak C-665/24 (ECLI:EU:C:2025:960).
Grondslag van het geschil
- een boetebesluit van 18 oktober 2019 met een boete € 450,- aan [naam 1] , met boetezaaknummer 201900804;
Beoordeling van het geschil in hoger beroep
(-) de fase van terbeschikkingstelling aan de consument; een boete en (-) de eerdere fasen van de toeleveringsketen; terugroepen en uit de handel nemen; desnoods onder bestuursdwang, aldus de ondernemingen.
43 Zoals blijkt uit het verzoek om een prejudiciële beslissing, gaat achter de tweede prejudiciële vraag de onderliggende vraag schuil of een stelsel van aansprakelijkheid zonder schuld verenigbaar is met het vereiste van artikel 23, lid 3, van richtlijn 2014/40 en in het bijzonder met de eerbiediging van het evenredigheidsbeginsel.
Beslissing
€ 708,- aan [naam 1] te vergoeden;