ECLI:NL:CRVB:2005:AU1603
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- C.P.J. Goorden
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt besluit UWV wegens niet-beslissen op bezwaar
Appellant had tegen een besluit van het UWV van 8 maart 2002, waarbij een WW-uitkering werd toegekend, tijdig bezwaar gemaakt. Het UWV had echter niet op dat bezwaar beslist, maar op een later verzoek tot herziening van dat besluit. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het herzieningsbesluit niet-ontvankelijk en stuurde het beroepschrift door als bezwaar.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het bestuursorgaan eerst op het bezwaar moet beslissen voordat het kan beslissen op een verzoek tot herziening. Omdat het UWV dit niet heeft gedaan, is het besluit van 21 september 2004 dat het verzoek tot herziening afwees zonder eerst op het bezwaar te hebben beslist, in strijd met de Algemene wet bestuursrecht (artikelen 7:1, 7:10 en 7:11). Dit besluit wordt daarom vernietigd.
De Raad beveelt het UWV aan alsnog een beslissing te nemen op het bezwaar van appellant. Tevens veroordeelt de Raad het UWV in de proceskosten van appellant en bepaalt dat het griffierecht wordt vergoed. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en het beroep gegrond verklaard.
Uitkomst: Het besluit van 21 september 2004 wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen alsnog een beslissing op bezwaar te nemen.