ECLI:NL:CRVB:2006:AY3544
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenverplichting
Appellanten ontvingen een bijstandsuitkering volgens de norm voor gehuwden. Na een melding dat appellant werkzaamheden verrichtte voor een schoonmaakbedrijf, stelde de Sociale Recherche een onderzoek in. Dit leidde tot een besluit van het College om de bijstand over de periode 1 april 2002 tot 5 november 2003 te herzien en terug te vorderen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant gegrond en vernietigde het besluit, maar hield de rechtsgevolgen in stand. Het hoger beroep van appellante werd niet-ontvankelijk verklaard omdat zij geen eigen beroepschrift had ingediend.
De Raad oordeelde dat appellant zijn inlichtingenplicht had geschonden door niet te melden dat hij regelmatig werkzaamheden verrichtte, ook al ontkende hij inkomsten te hebben genoten. Observaties en verklaringen van getuigen bevestigden zijn activiteiten. Het College was bevoegd tot intrekking en terugvordering. De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees het hoger beroep van appellant af.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep van appellant wordt afgewezen, waarmee de intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering wordt bevestigd.