ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2952
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- A.B.J. van der Ham
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenverplichting
Appellante ontving vanaf 8 oktober 2003 bijstand op grond van de WWB. Het College van burgemeester en wethouders van De Bilt trok bij besluiten van 1 juli en 23 juli 2004 de bijstand in en vorderde terug wegens schending van de inlichtingenverplichting, onder meer vanwege niet gemelde kasstortingen en onduidelijkheid over de herkomst van geld voor huurachterstand.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt dit oordeel deels. De Raad oordeelt dat appellante de inlichtingenverplichting heeft geschonden over de periode van 1 november 2003 tot en met 30 april 2004, waardoor het recht op bijstand over die periode niet kan worden vastgesteld. Over de periode van 8 oktober tot 31 oktober 2003 is echter geen schending vastgesteld, zodat het besluit over die periode niet in stand kan blijven.
De Raad stelt vast dat appellante niet woonde op het opgegeven adres van 1 mei tot en met 1 juli 2004 en bevestigt de intrekking van de bijstand over die periode. Het College wordt veroordeeld in de proceskosten en moet het griffierecht vergoeden. Tevens moet het College een nieuw besluit nemen over de terugvordering, rekening houdend met deze uitspraak.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden deels vernietigd en het College moet een nieuw besluit nemen.