ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7678
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ingangsdatum toeslag en terugkomen van besluit afbouw toeslag
De zaak betreft een hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam over de ingangsdatum van een toeslag toegekend aan betrokkene op grond van de Toeslagenwet (TW).
In 2000 was een besluit genomen om de toeslag in drie jaar af te bouwen, waarbij betrokkene geen bezwaar had gemaakt. De Raad oordeelde echter in een eerdere uitspraak dat deze afbouw in strijd was met het Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid tussen Nederland en Marokko. Betrokkene diende daarop een nieuwe aanvraag in, waarop het UWV aanvankelijk besloot de toeslag vanaf 12 september 2003 voort te zetten.
De rechtbank vernietigde dit besluit en oordeelde dat de toeslag met terugwerkende kracht van maximaal één jaar vóór de aanvraagdatum moest worden toegekend. De Centrale Raad bevestigt dit oordeel en stelt dat de aanvraag van betrokkene vanaf 23 februari 2004 ingediend is, zodat de toeslag ten minste vanaf 23 februari 2003 moet worden toegekend. Voor de periode vóór 1 januari 2003 geldt dat het verzoek moet worden gezien als een verzoek om terug te komen van het eerdere besluit tot afbouw. De Raad ziet geen aanleiding voor een verdere terugwerkende kracht en wijst het verzoek om toepassing van artikel 8:73 Awb Pro toe. Het UWV moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen dient een nieuw besluit te nemen over de ingangsdatum van de toeslag met terugwerkende kracht van maximaal één jaar en wordt veroordeeld tot vergoeding van schade.