ECLI:NL:CRVB:2007:BA4589
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- H.G. Rottier
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering gedeeltelijk onverschuldigde WAO-uitkering ondanks medische geschilpunten
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om een WAO-uitkering toe te kennen op basis van een arbeidsongeschiktheid van 45-55% en om een deel van eerder betaalde uitkering terug te vorderen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat het oordeel van de rechtbank, dat appellant niet geheel arbeidsongeschikt is en dat de terugvordering terecht is, standhoudt. De Raad wijst erop dat appellant tegen de eerdere uitspraak waarin een medische urenbeperking van 20 uur per week werd vastgesteld geen hoger beroep heeft ingesteld, waardoor dit oordeel bindend is.
De Raad concludeert dat het UWV terecht is uitgegaan van de beperkingen en dat appellant passend werk kan verrichten. Ook is geen sprake van dringende redenen om af te zien van terugvordering. De wijze van invordering zal zodanig zijn dat de beslagvrije voet wordt gerespecteerd. Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de terugvordering van gedeeltelijk onverschuldigde WAO-uitkering bevestigd.