ECLI:NL:CRVB:2007:BB7998
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- R. Kooper
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding militair wegens ontbreken causaal verband met uitzending Cambodja
Appellant, een militair uitgezonden naar Cambodja in het kader van een VN-vredesmissie, vorderde schadevergoeding voor gezondheidsklachten die hij toeschrijft aan zijn uitzending en het gebruik van het anti-malariamedicijn mefloquine (Lariam). De staatssecretaris van Defensie wees dit verzoek af wegens het ontbreken van een causaal verband tussen de uitzending en de klachten. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dat appellant onvoldoende feiten en omstandigheden heeft aangevoerd om een voldoende waarschijnlijk causaal verband aan te tonen. Wetenschappelijke onderzoeken, waaronder het Post-Cambodja Klachten Onderzoek, konden geen eenduidige somatische verklaring voor de klachten vinden. Het Stappenplan Keuringstraject CKc, bedoeld voor rechtspositionele voorzieningen, is niet geschikt voor aansprakelijkheidsclaims.
De Raad oordeelt dat de staatssecretaris zijn zorgplicht als werkgever niet heeft geschonden en dat het verzoek om schadevergoeding terecht is afgewezen. Wel wordt appellant een vergoeding van €500 toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn van de procedure, die ruim zes jaar duurde. Daarnaast worden proceskosten en griffierechten aan appellant vergoed. De vernietiging van de eerdere uitspraak leidt niet tot wijziging van de rechtsgevolgen van het bestreden besluit.
Uitkomst: Verzoek om schadevergoeding afgewezen wegens ontbreken causaal verband; vergoeding van €500 toegekend voor overschrijding redelijke termijn.